Standpunten:

Flexibel studeren

Algemeen

Flexibilisering in het hoger onderwijs staat al lange tijd op de agenda in het onderwijsveld, met name in het kader van een leven lang leren. Maar, in de woorden van voormalig minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Jet Bussemaker: ‘“Flexibel onderwijs is niet alleen van belang voor volwassen. Ook jongeren hebben behoefte aan flexibel onderwijs dat hen in staat stelt eigen keuzes te maken, te versnellen en zich te profileren. Onderwijs dat gepersonaliseerd is en daarbij ook gebruik maakt van de mogelijkheden die online leren biedt.”

Flexibilisering is er in veel vormen en maten. Het ISO onderscheid drie manieren waarop het hoger onderwijs kan flexibiliseren: flexibilisering in tempo, mobiliteit en programmering. Deze vormen van flexibilsering komen ook terug in de vier studentenroutes die de zone flexibilisering van het Versnellingsplan heeft opgesteld.

Actualiteit

Inmiddels zijn er in het kader van flexibilisering verschillende onderzoeken, pilots en dialogen gestart. Neem als voorbeeld het experiment flexstuderen waarin studenten per studiepunt kunnen betalen of het experiment leeruitkomsten waarin het werken met een vaststaand studieprogramma wordt losgelaten. Ook in de strategische agenda ‘Houdbaar voor de toekomst’ uit 2019 van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wordt de ambitie uitgesproken voor een flexibeler onderwijsaanbod dat inspeelt op de veranderende vraag van een steeds diversere groep studenten en een snel veranderende arbeidsmarkt. Dit vraagt volgens het ministerie dat instellingen hun opleidingen anders inrichten en studenten meer regie krijgen over hun eigen studiepad.

Visie van het ISO

Flexibilisering biedt een hoop kansen. Door flexibilisering in tempo en tijd kunnen studenten zonder extra kosten vertragen en versnellen. Mantelzorgers, studenten met een ondersteuningsbehoefte of studenten die buiten hun studie nevenactiviteiten ontplooien kunnen hierdoor naar eigen behoefte hun tijd indelen, werklast verdelen en zo meer uit hun studietijd halen. Flexibilisering in mobiliteit en programmering stelt studenten in staat om hun curriculum meer naar eigen hand in te delen. De student volgt niet meer een opleiding, maar de opleiding volgt de student. Hierdoor kunnen studenten eigen interesses volgen, verbreden en/of specialiseren en beter inspelen op veranderingen in de arbeidsmarkt.

Flexibilisering roept echter ook veel vragen op. Wanneer ‘snelstuderen’ mogelijk wordt door flexibilisering in tijd en tempo kan dit volgens het ISO bijdragen aan de nu al hoge prestatiedruk als studenten het gevoel krijgen dat dit nodig is om zich te onderscheiden van medestudenten. Een groter keuzeaanbod draagt daarnaast bij aan de keuzedruk onder studenten, met name vroeg in de studie. Ook het behouden van de herkenbaarheid van diploma’s is voor het ISO een aandachtspunt. Wanneer veel studenten de mogelijkheid hebben om hun studieprogramma naar eigen behoefte in te delen, lopen zij het risico diploma’s te creëren die voor werkgevers onherkenbaar zijn.

Om de flexibilisering van het hoger onderwijs een succes te maken, denkt het ISO dat uitgebreidere begeleiding en voorlichting van studenten noodzakelijk is. Studenten moeten weten welke mogelijkheden er zijn, welke keuzes ze kunnen maken en wat de gevolgen van deze keuzes zijn. Daarnaast is het belangrijk dat toelatingseisen voor vervolgopleidingen of (keuze)vakken aan andere faculteiten en instellingen ruimte bieden voor de vele nieuwe leertrajecten die door flexibilisering kunnen ontstaan. Tot slot is het behoud van een studiegemeenschap volgens het ISO essentieel voor de motivatie en sociale ontwikkeling van de student.

De komende tijd wordt het interessant om te kijken welke rol digitalisering in het onderwijs gaat spelen en hoe deze digitalisering benut kan worden om flexibilisering mogelijk te maken. Daarnaast spelen er ook grotere stelselvraagstukken. Zo is de huidige bekostigingssystematiek niet optimaal ingericht voor een flexibeler onderwijsaanbod en is het nog onduidelijk hoe studenten aanspraak gaan maken op studiefinanciering wanneer zij hun studieprogramma flexibel inrichten.