Standpunten:

Decentrale- en masterselectie

Algemeen

In het collegejaar 2017-2018 is de decentrale selectie ingevoerd en loting afgeschaft. Sinds de afschaffing van het lotingssysteem bestaat er voor instellingen de mogelijkheid om studenten te selecteren. Het ISO is blij dat er hierdoor meer aandacht is voor de individuele student en dat een student niet louter op geluk een opleiding binnen moet komen. Echter ziet het ISO de laatste jaren een wildgroei ontstaan aan selectie-eisen, waardoor studenten blootgesteld worden aan onnodige selectieve maatregelen. Volgens het ISO is de methode van proefstuderen, eventueel in combinatie met een eindtoets, de beste manier om te selecteren. Deze methode houdt in dat aankomend studenten een college volgen van hun beoogde studie en daarna een taak krijgen die vergelijkbaar is met wat ze als student zullen gaan doen.  

Actualiteit

In februari 2020 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen over het toevoegen van loting als selectiemethode die instellingen kunnen toepassen bij capaciteitsfixi. Het ISO is van mening dat loting alleen bij bachelor-studies toegevoegd kan worden als selectiemethode binnen de selectieprocedure. Een losse loting (gewogen dan wel ongewogen) zonder een selectieprocedure is onwenselijk volgens het ISO. In praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat door middel van proefstuderen een selectie wordt gemaakt en dat onder deze selectie nog een ongewogen loting plaats vindt.  

Visie van het ISO

Voor het ISO is het belangrijk dat de juiste student op de juiste plek terecht komt. Het ISO is daarom voor een ontwikkelde vorm van selectie. Helaas constateert het ISO dat er weinig overleg plaatsvindt tussen instellingen over manieren van selecteren die zorgen dat de juiste student op de juiste plek terecht komt.